Auteur archief FindiPlus

doorFindiPlus

Niet meer zorgoverstappers in coronajaar

Het percentage consumenten dat is overgestapt naar een andere zorgverzekeraar is ondanks corona vorig jaar exact hetzelfde als het voorlopige percentage een jaar eerder. Het afgelopen najaar is 6,2% van de verzekerden overgestapt, zo blijkt uit voorlopige cijfers van Vektis.

Nederlanders betalen in 2021 per jaar gemiddeld 150 euro meer voor hun zorgverzekering.

Verzekerden konden tot 1 januari 2021 hun zorgverzekering opzeggen, maar hebben nog tot uiterlijk 1 februari 2021 de tijd om een nieuwe zorgverzekering af te sluiten. In totaal zijn er 1,1 miljoen verzekerden overgestapt. Het overstappercentage schommelt al jaren tussen 6 en 7 procent. Wel oriënteerden bijna 25% meer verzekerden zich in de laatste maanden van 2020 op het polisaanbod met behulp van informatie uit de Zorgverzekeringskaart. Deze online informatiekaart geeft voor elke zorgverzekering betrouwbare informatie over de belangrijkste polisvoorwaarden en maakt het vergelijken van polissen eenvoudiger. De Zorgverzekeringskaart wordt door zorgverzekeraars, tussenpersonen, financieel adviseurs en vergelijkingssites gebruikt om verzekerden te informeren bij het zoeken naar een passende zorgverzekering.

Definitief overstappercentage

Nog niet alle wijzigingen zijn verwerkt door de zorgverzekeraars. Het definitieve overstappercentage kan daarom licht afwijken en wordt in februari bekendgemaakt. Vorig jaar kwam het definitieve percentage uit op 6,5. Eind april publiceert Vektis een uitgebreide analyse van de overstapcijfers: de Zorgthermometer: Verzekerden in Beeld. Nu is alleen gekeken naar het aantal verzekerden dat voor 2021 een polis afsluit bij een andere zorgverzekeraar dan voor 2020.

150 euro meer premie

Nederlanders betalen in 2021 per jaar gemiddeld 150 euro meer voor hun zorgverzekering. In 2021 betalen mensen gemiddeld 150,66 euro premie per maand. In 2020 betaalden mensen nog gemiddeld 138,32 euro premie per maand voor hun zorgverzekering. De kosten voor een zorgverzekering zijn gemiddeld dus met 9 procent gestegen.

Geld.nl analyseerde de gegevens van 5.000 aanvragen die tussen half november en 31 december op de vergelijkingssite werden gedaan. Hieruit blijkt ook dat wie alleen een basisverzekering koos, gemiddeld bijna 50 euro per jaar meer betaalt. De gemiddelde premie voor een basisverzekering is 109,26 euro per maand in 2021. Dit was in 2020 nog 105,33 euro per maand. Een verschil van 3,7 procent.

Calculerend shoppen

Vrijwel alle zorgverzekeraars verhoogden hun premies voor 2021. Dit komt voornamelijk door hogere lonen in de zorg, gestegen prijzen voor medicijnen en de toenemende vergrijzing. Ook de premies voor de aanvullende zorgverzekeringen stegen fors. “Je ziet bij aanvullende verzekeringen dat mensen vaak bewust shoppen. Ze zijn al van plan om bepaalde te gebruiken het komende jaar. Die zorg kopen ze dan als het ware in door er een aanvullende verzekering voor af te sluiten”.

Bron: InFinance/Vektis

doorFindiPlus

‘Zorgverzekeraars moeten klanten beter informeren’

Zorgverzekeraars geven hun klanten nog steeds onvoldoende informatie over de afspraken die zij maken met zorgverleners. Dat blijkt uit onderzoek van de Consumentenbond. Ook zijn ze niet duidelijk genoeg over de gevolgen daarvan voor verzekerden. De Consumentenbond vindt dat verzekeraars consumenten voor het afsluiten van hun zorgverzekering beter moeten informeren.

De Consumentenbond sprak in september 2020 met VWS, toezichthouder NZa en zorgverzekeraars over het verbeteren van de informatie over contractering en zorgplafonds. Nu consumenten weer moeten beslissen of ze hun lopende zorgverzekering behouden of over willen stappen, bekeek de Consumentenbond hoe het gesteld is met die informatievoorziening. Daarvoor werd gekeken naar de websites van de verzekeraars en de polisbrieven die de verzekeraars half november stuurden naar hun klanten.

Ingrijpende gevolgen

Sandra Molenaar (foto), directeur Consumentenbond: “We hebben tientallen polisbrieven doorgespit, maar daarin staat niet duidelijk of de lopende polis verslechtert. Verzekeraars zeggen bijvoorbeeld niets over zorgverleners die in 2021 niet meer gecontracteerd zijn. Of over beperkingen, zogenaamde zorgplafonds, die zijn afgesproken met zorgverleners. Terwijl dat voor consumenten ingrijpende gevolgen kan hebben en bepalend kan zijn voor de keuze van een zorgpolis. Verzekerden moeten dat zelf maar zien te achterhalen. Uit ons onderzoek blijkt ook dat die informatie niet of lastig te vinden is op de websites van de zorgverzekeraars.’

Zorgplafonds

Uit een enquête van de Consumentenbondblijkt dat een voorkeur voor een specifieke zorgverlener juist voor een groot deel meeweegt in de keuze van consumenten voor een bepaalde verzekering. Molenaar: “Verzekeraars moeten veel duidelijker maken óf ze zorgplafonds hanteren en bij welke zorgverleners. En wat de gevolgen daarvan zijn. En dat moeten ze doen vóórdat consumenten een verzekering afsluiten.” De Consumentenbond dringt op basis van de uitkomsten van het onderzoek nogmaals aan op verbeteringen bij alle betrokken partijen.

Zorgzoeker

De zorgzoeker die verzekeraars op hun website bieden, zou een goed instrument kunnen zijn om informatie per zorgverlener op te zoeken. Daarbij moet dan wel duidelijk staan wat het verschil met het afgelopen jaar is en wat de beperkingen zijn. Maar de Consumentenbond constateert dat dit nu nog nauwelijks te vinden is in de zorgzoekers.

Niet afgerond

Ook het trage verloop van de contractbesprekingen tussen zorgverzekeraars en zorgverleners zorgt voor veel onduidelijkheid. Die zijn bij het versturen van de polisbrieven nog lang niet afgerond. En de onderhandelingen gaan door de gevolgen van de coronacrisis nog langzamer dan vorige jaren. Molenaar: “Daardoor kunnen verzekerden onaangenaam verrast worden in de loop van het nieuwe jaar. Bijvoorbeeld omdat dan opeens blijkt dat een zorgverlener niet meer gecontracteerd is en de verzekerde dus moet bijbetalen. Of consumenten kunnen helemaal niet meer terecht bij de gewenste zorgverlener, omdat die het afgesproken zorgplafond heeft bereikt. Die behandelt daardoor de rest van het jaar geen nieuwe patiënten van die verzekeraar meer.”

Bron: InFinance

doorFindiPlus

Directe schadeafhandeling bij WA-verzekering auto per juli 2021 een feit

Per 1 juli 2021 hoeven consumenten materiële schade aan hun personenauto niet meer te verhalen bij de verzekeraar van de aansprakelijke partij; dit kan dan direct bij de eigen verzekeraar. De schade wordt vervolgens door verzekeraars onderling verhaald. De Algemene Ledenvergadering van het Verbond van Verzekeraars heeft op 17 december het plan voor de invoering van Directe Schadeafhandeling voor particulier WA-verzekerde personenauto’s goedgekeurd.

Het indienen van een claim kost de consument straks dus minder tijd, omdat niet meer uitgezocht hoeft te worden wie de aansprakelijke verzekeraar is. Ook hoeft de consument niet zelf in gesprek te gaan met de aansprakelijke partij. Verzekeraars streven met de invoering van directe schadeafhandeling naar een hogere klanttevredenheid en een sneller afhandelingsproces. Daarnaast kunnen zij de klant laten profiteren van dienstverlening die er nu alleen voor eigen all risk verzekerden is. Bij schade aan een all risk-verzekerde auto melden consumenten zich nu al praktisch altijd bij de eigen verzekeraar. Daarnaast kunnen klanten met WA-dekking straks ook hun voertuig via het netwerk van de verzekeraar laten herstellen, zodat ze verzekerd zijn van een kwalitatief goed herstel.

Steun ANWB
Consumentenorganisatie ANWB ondersteunt het initiatief. Extra waarde wordt volgens de ANWB ook gecreëerd door het feit dat voor consumenten die de voorkeur hebben voor de huidige route van het zelf aansprakelijk stellen van de tegenpartij, deze keuzemogelijkheid blijft bestaan. Consumenten blijven de vrijheid behouden om de schade zelf bij de aansprakelijke verzekeraar te claimen. Daarbij kunnen ze zich, net als nu, laten bijstaan. Consumenten die een verzekering via een adviseur hebben afgesloten, kunnen net als nu terecht bij deze adviseur.

Bron: Verbond van Verzekeraars / Findinet

 

doorFindiPlus

Hulp bij de keuze voor uw zorgverzekering

Zit u nog goed of zoekt u naar een andere zorgverzekering?

De meeste mensen kijken naar de premie en welke zorgkosten ze verwachten en bepalen daarmee hun keuze. Maar lang niet alle vergelijkingsprogramma’s die op internet beschikbaar zijn geven alle mogelijkheden aan. Vaak ingegeven door commerciële belangen van de partijen waar ze mee samenwerken. De ene collectiviteit bijvoorbeeld is bij een andere weer niet terug te vinden enz.

Voor een goede keuze zou men o.a. ook moeten kijken naar de gevolgen van zorgplafonds die verzekeraars met ziekenhuizen afspreken. Als u op wachtlijsten terecht komt omdat zorgplafonds zijn bereikt welke mogelijkheid heeft u dan om naar andere ziekenhuizen te gaan? Bent u dan gebonden of heeft u vrije keuze? Of hoe de vergoeding geregeld is als u naar een niet-gecontracteerde zorgverlener gaat. Naar dat soort zaken kijkt FindiPlus.

Bij goed vergelijken komt meer kijken!

Check uw zorgverzekering

doorFindiPlus

Asbestdaken: hoe zijn die nu verzekerd?

Asbestdaken zijn de afgelopen jaren verschillende keren in het nieuws geweest. Er was een verbod op komst, maar dat kwam er toch niet. Ondertussen hadden verzekeraars hun polissen al aangepast. Hoe zit het nu precies met dat asbestverbod en de verzekeringen?

Vanwege de gezondheidsrisico’s heeft de overheid de afgelopen decennia een asbest-ontmoedigingsbeleid gevolgd. Als sluitstuk kwam het voorstel om asbesthoudend materiaal in dakbedekking per 1 januari 2025 te verbieden. Alle daken zouden voor die tijd asbestvrij moeten worden gemaakt, zowel bij woonhuizen als bij bedrijven en agrarische stallen en loodsen. Later werd die datum nog verschoven naar 1 januari 2028. Maar het voorstel haalde het niet in de Eerste Kamer. Die verwierp het in juni 2019 omdat de maatregelen een te grote financiële belasting voor burgers, ondernemers en boeren zouden zijn.

Dekkingen vaak al aangepast

De verplichting om asbestdaken te (laten) vervangen, is dus (voorlopig) van de baan. En hoe verzekeraars omgaan met het verzekeren van asbestdaken, moeten zij daarom zelf beoordelen. Veel opstalverzekeraars hadden al geanticipeerd op een verbod en hebben hun voorwaarden aangepast. Sommige bieden bij het afsluiten van een nieuwe opstalverzekering geen of alleen een beperkte dekking voor asbestdaken. Bij andere verzekeraars is er alleen een dekking tegen bepaalde voorwaarden. Een aantal direct writers hanteert nog een fikse afschrijving waarbij een percentage tussen de 20% en 5% nog vergoed wordt.

Asbestdaken verzekeren

Dekking opstalverzekering

Elke verzekeraar gaat dus anders om met de dekking en vergoedingen, daar zitten grote verschillen in. Bij een opstalverzekering wordt er in principe uitgegaan van de herbouwwaarde. Aangezien er ook gekeken moet worden naar het indemniteitsbeginsel (de verzekerde mag er niet beter van worden) zal er bij schade ook rekening gehouden worden met de ouderdom en staat van het dak. Laat u adviseren over deze dekking zodat u niet voor verrassingen komt te staan bij schade.

doorFindiPlus

Reserves DSW uitgeput, zorgpremie omhoog

In 2021 bedraagt de premie van de basisverzekering voor DSW-verzekerden 124,50 euro per maand. Dit betekent een premiestijging van 6,50 euro. De premiestijging wordt veroorzaakt door de groei van de zorgkosten en doordat DSW niet langer vanuit de reserves de premiestijging kan dempen.

De belangrijkste redenen voor de groei van de zorgkosten zijn volgens de zorgverzekeraar de loon- en prijsstijgingen in de zorg en een toenemend gebruik van dure, vaak innovatieve, specialistische geneesmiddelen. Deze kosten zijn goed voor 4,50 euro van de premiestijging.

Geen verdere afbouw reserves

Om de huidige premie te kunnen bekostigen onttrekt DSW op maandbasis twee euro per premiebetaler aan de reserves. Daarmee kon voor 2020 de premiestijging beperkt blijven. Gelet op de reservepositie van DSW is er geen ruimte om de reserves in 2021 opnieuw af te bouwen. Dit verklaart de resterende twee euro van de premiestijging. DSW Zorgverzekeraar is een Onderlinge Waarborgmaatschappij zonder winstoogmerk.

Eigen risico onder wettelijk niveau

Het eigen risico blijft voor DSW-verzekerden gehandhaafd op 375 euro en blijft daarmee 10 euro lager dan wettelijk is bepaald. Door een lager eigen risico te hanteren, wil de zorgverzekeraar duidelijk maken voorstander te zijn van een eerlijkere verdeling van zorgkosten tussen chronisch zieke en gezonde mensen.

Bron:  InFinance op 

doorFindiPlus

Meerderheid huurders heeft geen Overlijdensrisicoverzekering

De financiële gevolgen van vroegtijdig overlijden van de kostwinner van een gezin, zorgt bij nabestaanden zonder een overlijdensrisicoverzekering (orv) in bijna de helft van de gevallen (48%) voor grote financiële problemen. Onder huurders is dit zelfs 66%, blijkt uit onderzoek in opdracht van Scildon.

Een belangrijke kostenpost waar na een overlijden direct een probleem ontstaat zijn de woonlasten voor de huur of hypotheek. Dit geldt in het bijzonder wanneer de overledene de kostwinner is. Uit het onderzoek blijkt dat met name huurders niet beschikken over een orv. 69% van de gezinnen met een huurwoning beschikt niet over een dergelijke polis. Bij huishoudens met een koopwoning ligt het percentage zonder een orv ook nog op 40%. In 48% van de huishoudens zonder orv leidt het overlijden van een kostwinner tot grote financiële problemen. Bij huurders is dit zelfs 66%.

Het profiel van deze kwetsbare groep consumenten ziet er volgens onderzoekers Fred de Jong van Onderzoeksbureau Fred de Jong en Björn Bierhaalder van MCH Consultancy, als volgt uit:

  • Veelal wonend in huurwoning;
  • Inkomen rond modaal;
  • Veelal lager opgeleid;
  • Onvoldoende inzicht in werkelijke woonlasten;
  • Veelal geen financieel adviseur.

Onwetendheid

Volgens Scildon is het intensiveren van de voorlichting over de financiële gevolgen van vooroverlijden voor gezinnen met een huurwoning hard nodig. “Financieel adviseurs kunnen een belangrijke rol vervullen om consumenten beter voor te lichten over de risico’s en de financiële gevolgen van overlijden. Uit het onderzoek blijkt dat 39% van de consumenten met een huurwoning er helemaal nooit over heeft nagedacht. Daarnaast schat 55% van de consumenten die er wel over nadenkt de premie veel te hoog in of heeft geen idee over de hoogte van de premie (21%). Terwijl de kosten voor een dergelijke verzekering vaak minder dan 15 euro per maand bedragen. Gezinnen zonder verzekering lopen het risico de woonlasten niet langer te kunnen dragen.”

Tot slot wijst het onderzoek uit dat consumenten zich zorgen maken over de kosten voor het normale levensonderhoud en de studie van kinderen als er geen voorzieningen zijn getroffen om de financiële tegenvallers op te vangen die het gevolg zijn van het vroegtijdig overlijden van een van de kostwinners.

Bron: InFinance

doorFindiPlus

Volgens de Allianz Risk Barometer 2020: Voor het eerst staat cyber op 1e plaats wereldwijd

  • Cyber incidenten worden steeds meer verwoestend en kosten handen vol geld.  Ze resulteren dikwijls in rechtszaken en vervolging na het incident
  • Cyberincidenten en bedrijfsschade blijven grootste bedreigingen voor bedrijven
  • Bedrijfsschade staat op de 2e plaats maar blijft een grote uitdagingen door digitalisatie en politieke onrust
  • Klimaatveranderingen op hoogste plaats ooit.  Bedrijven maken zich vooral zorgen over materiële schade door extreme weersomstandigheden maar zijn ook bang voor kritiek van de consument en toenemende regelgeving en bijhorende vervolging

Voor het eerst staat cyber incidenten (39%)  wereldwijd op de eerste plaats als grootste bedrijfsrisico in de negende Allianz Risk Barometer.  Bedrijfsschade (BI) staat op een tweede plaats (37%).  Aanpassingen in voorschriften en wetgeving (#3 met 37%) en klimaatveranderingen (#7 met 17%) zijn de grootste stijgers dit jaar. De jaarlijkse enquête over wereldwijde bedrijfsrisico’s van Allianz Global Corporate & Specialty (AGCS) omvat de standpunten van meer dan 2718 experts (recordaantal) uit meer dan 100 landen, waaronder CEO’s, risk managers, makelaars en verzekeringsdeskundigen.“Het is niet verwonderlijk dat cyberincidenten en bedrijfsschade de grootste bedreigingen blijven voor Nederlandse bedrijven.  Macro-economische ontwikkelingen zoals bezuinigingsprogramma’s en stijging van grondstoffenprijzen komen voor het eerst de top 10 binnen en ontwikkelingen in de markt zoals verhoogde concurrentie, fusies en overnames stijgen van een achtste naar een vierde plaats” zegt Arthur van Essen, CEO bij AGCS Nederland. 

doorFindiPlus

Voorkom hoge zorgnota tijdens vakantie

De Nederlandse Zorgverzekeringswet is wereldwijd van toepassing en wordt niet beperkt tot bepaalde landen of een bepaald reisadvies. Wel vergoeden zorgverzekeraars soms de zorgkosten tot het prijsniveau van de zorg in het Nederland. Dat prijsniveau ligt in sommige landen echter fors hoger.

Nu de vakantieperiode is aangebroken ontvangen zorgverzekeraars weer veel vragen over de vergoeding van zorgkosten in het buitenland. Hoewel Nederlanders vanuit de basisverzekering altijd en overal recht hebben op een vergoeding van de zorg, adviseren de zorgverzekeraars verzekerden met klem om zich altijd goed te (laten) informeren voor vertrek. Per land kunnen de mogelijkheden om die zorg vergoed te krijgen namelijk nogal verschillen. Ook maken zorgverzekeraars bij zorgkosten in het buitenland ook verschil tussen een natura en restitutiepolis. “Neem voor vertrek altijd contact op met de zorgverzekeraar en uw eigen adviseur om zeker te weten welke kosten wel en niet gedekt worden en hoe je deze het beste kunt declareren”, aldus Zorgverzekeraars Nederland.

Aanvullende dekking

De basisverzekering dekt ook lang niet alle risico’s af in het buitenland. Bijvoorbeeld de kosten voor repatriëring bij ziekte (zonder medische noodzaak) of overlijden, komen voor eigen rekening. Door het afsluiten van een aanvullende (reis)verzekering kunnen deze aanvullende kosten verzekerd worden. Ook hier is het belangrijk om voor vertrek de polisvoorwaarden door te nemen. Die kunnen per verzekeraar verschillen.

Bron: Infinance

doorFindiPlus

Hoekstra: Robotadvies moet aan zelfde eisen voldoen als persoonlijk advies

Brief Hoekstra over eisen aan onafhankelijk advies valt goed bij sector
bron: Rijksoverheid

Dat staat in een ‘verzamelbesluit’ van het Ministerie van Financiën waarin een aantal wijzigingen wordt voorgesteld op het vlak van gedrags- en prudentieel toezicht binnen de Wft. Minister Hoekstra heeft dit ingediend bij marktpartijen en andere belanghebbenden.

Het Ministerie hamert op begrijpelijkheid van de online robottool. De ‘tool’ gaat ervan uit dat klanten begrijpen welke informatie wordt gevraagd, terwijl dit volgens het Ministerie niet het geval hoeft te zijn. Het is daarom belangrijk dat het voldoende duidelijk is voor de klant welke informatie gevraagd wordt, en dat hier een bepaalde controle op zit. Bijvoorbeeld door in te bouwen dat bepaalde controlevragen opgenomen worden om eventuele tegenstrijdige of onduidelijke antwoorden van de consument of cliënt vast te stellen en daar acties aan te verbinden (zoals de klant alsnog doorverwijzen naar een financiële dienstverlener in natuurlijk persoon).

Zeker moet worden gesteld dat iemand het advies via zo’n tool begrijpt, ook wanneer het om een negatief advies gaat. Daartoe wordt verwezen naar de wettelijke grondslag, waarbij een beheerste en integere uitoefening onverminderd van toepassing blijft.

Bron: Findinet